Nathalie Scholtes leert veel in Beukenrode

Beukenrode palliatieve thuiszorg en hospice in Naaldwijk is een groot succes en zoekt daarom een tweede locatie Westland. Vrijwilligers zoals Nathalie Scholtes vinden veel voldoening in het werk in het hospice.

“Beukenrode is een zachte omgeving waar mensen een bijzondere verzorging krijgen”, vertelt de 46-jarige office manager bij een vermogensbeheerder. Een jaar geleden stapte Nathalie in als zorgvrijwilligster. “Omdat de dood mij al heel lang fascineerde. Bij begrafenissen word ik altijd getroffen door de liefde die je, ondanks het vaak grote verdriet, voelt stromen tussen de mensen. Dat raakt me elke keer weer. Toen ik vorig jaar aan een opleiding rondom verlies-, rouw- en stervensbegeleiding begon vond ik het tijd om me bij Beukenrode aan te melden.”
Vermogensbeheer en stervensbegeleiding staan haaks op elkaar. Vanwaar die ommekeer? “Ik kom uit een tuindersgezin en het was dus niet zo verwonderlijk dat ik vanuit die achtergrond voor een zakelijke functie koos. Op zeker moment ben ik naar mezelf op zoek gegaan. Ik heb veel coachingsopleidingen gevolgd en langzaamaan kwam die andere kant in beeld. Ik mis in mijn huidige werk waarin het ‘hebben’ voorop staat, het menselijke aspect waarin ‘zijn’ het belangrijkst is.”

Het was voor Nathalie geen grote stap naar het hospice. “Ik was er helemaal klaar voor. Ik sprak iemand die in Den Haag als vrijwilliger in het hospice werkt. Daar wordt de rol van gastvrouw en verzorger van elkaar gescheiden. In Beukenrode doen ze dat niet. Qua zorg heb ik twee linkerhanden. Dat was dus best wel spannend, maar de verpleegkundigen waarmee je samenwerkt in de zorg begeleiden je uitstekend. Bovendien kun je altijd ‘nee’ zeggen als je iets niet wilt. Ik heb nooit geweten dat ik het zo leuk zou vinden. Je komt zo dicht bij de mensen in hun kwetsbaarheid, dat is zo mooi om mee te maken. Ik merk dat het wat met me doet. Het laat me stil staan bij het leven, bij de vraag wat is nu werkelijk van belang. Het leven van de mensen die van het hospice gebruik maken is overhoop gegooid. Zowel van de cliënten als van hun familieleden. In hun kwetsbaarheid laten ze hun maskers vallen en dan kun je echt contact met ze maken. Dan zie je de puurheid van de mensen. Dat raakt me echt.

Niet alleen de kwetsbaarheid van de cliënten treft Nathalie. “Ook de onzekerheid en de overgave die mensen tentoon spreiden. Ze leren mij ook vertrouwen te hebben in mijn eigen leven, het te nemen zoals het op mij af komt. Vanuit mijn werk ben ik constant bezig met het afwegen van factoren, oorzaak en gevolg, terwijl ik het leven veel liever onbevangen en vol vertrouwen zou willen ondergaan.”

Naast de cliënten zijn er ook de naaste familieleden met hun verdriet en in dat verdriet hun eenzaamheid. “Ook dat raakt me. Het feit dat je in een grote menigte kan staan terwijl je helemaal alleen bent met je eigen verdriet. De onzekerheid over wat komen gaat. Mensen met hun boosheid, frustraties en machteloosheid. Eigenlijk geeft het hospice het hele leven weer op honderd vierkante meter. De familieleden kan ik, als ze daaraan behoefte hebben, een luisterend oor bieden. In principe neem ik warmte mee naar huis als de dienst erop zit. Soms houden mensen je wel bezig. Ik heb ooit mee mogen maken dat een cliënte bewust uit het leven stapte. Daar gaan ze in het hospice heel erg zorgvuldig mee om. Een dag van tevoren word je gebeld met de mededeling wat er gaat gebeuren. Je kunt dan altijd aangeven dat je daarbij niet aanwezig wilt zijn. Die vrijheid heb je, uiteraard zou ik haast zeggen. In mijn opleiding hadden we het daarover gehad, maar als het dan echt te gebeuren staat dan blijkt de kloof tussen theorie en praktijk wel erg groot. Thuis heb ik wel een traantje gelaten, want het deed veel met me.”

Nathalie Scholtes is één keer per week in Beukenrode te vinden. “Dat is voor mij maximaal haalbaar. De organisatie houdt rekening met de vrijwilligers maar wil wel dat je minimaal één dienst per week op je neemt. Er wordt gebruik gemaakt van een digitaal rooster, dat is ideaal. Je kunt jezelf inplannen in de open gaten. Drie maanden van tevoren is het rooster beschikbaar.”

Bron: Alphons de Wit